12-04-10

Bicentenaria Argentina, deel I

We zijn in het 200 jarige bestaan van Argentinie beland. Niemand hier ontsnapt aan dit bicentenaria gevoel. Daarom is het misschien leuk om een paar verhalen te schrijven over de migranten die dit land rijk is. Vooral de migranten uit ons eigen landje: België.

Alle gemeenschappen in Argentinië vieren dit jaar de 200 jarige onafhankelijkheid. Velen kijken terug hoe ze hier beland zijn, want deze geschiedenis heeft te maken met een enorme migratiestroom. Elke 'nationaliteit' heeft zijn eigen verhalen en geschiedenis die de afgelopen 200 jaar rijk zijn geworden door de Argentijnse stempel, met toch nog de culturele en sociale kenmerken van hun land van afkomst. De laatste weken word ik vaak aangesproken door Argentijnen met Belgische voorvaderen. Hier een paar van hun verhalen:

De stad Esperanza in Santa Fe is een van de eerste colonies in dit land. Het werd vooral belangrijk voor zijn landbouw.


Ver mapa más grande

In 15 de juni 1853 werd er een colonisatie contract getekend tussen de regering van Santa Fe en de zakenman Aarón Castellanos uit Salta. Tussen eind januari en begin juni 1956 kwamen er 200 families toe uit verschilldende landen: Frankrijk, Zwitserland, Duitsland, Luxemburg en België.  Zij vormden de eerste landbouw colonie in Argentinië. Daarna volgden migranten uit Italie, Spanje, Polen, Rusland, Tchecoslovakije, ea. Door de aanleg van de spoorweg kwamen er daar nog Japaners, Arabieren en Joden bij. In dit Babels paradijs groeide Esperanza. Via de rijke taal van Cervantes groeiden deze migranten uit tot jonge Argentijnen.  Esperanza is rijk aan cultuur en geschiedenis. Traditie wordt hier met een hoofdletter geschreven. Pioniers van het eerste uur, Argentijnen van het eerste uur, werkten op het land om Esperanza te maken wat het nu is. 

Niet alle migranten streken hier neer uit honger of levensnood. Ze werden ook aangetrokken door het avontuur, de zon en de vruchtbare grond. In 1855 werden de eerste hoeves gebouwd, met behulp van de provincie. Het werk werd verdeeld door Augusto Reant, landbouwingenieur. Het contract dat getekend werd tussen de zakenman Aaron Castellanos en de overheid van Santa Fe, organiseerde de verdeling van de gronden aan de toekomende families. Van hieruit vertrok de weg over illusies, nostalgie, de eerst geborenen, de weg naar in het nieuwe land naar een nieuw leven. De colonisatie van Esperanza was een voorbeeld voor de wereld. Toch ging de ontwikkeling van deze nieuwe stad gepaard met drama's en angsten. Vele geschiedenissen hebben pijn en nostalgie gemeen. Toch groeide hieruit een nieuwe trots en samenhorigheid als een signaal naar de toekomst toe. In de geest van de hoop, groeide Esperanza uit tot een succesverhaal.

Niemand kwam naar deze streek, dit nieuwe land, als toerist. Dat was al vlug duidelijk. Iedereen wist toen ook al dat het leven van een migrant gepaard gaat met harde werk en een niet altijd vriendelijke omgeving. In 1857 zette José Stessens voet aan wal in Argentinië en vertrok naar Santa Fe. José was 31 jaar, geboren in Antwerpen, zijn paspoort was in het Frans geschreven, uitgegeven in Brussel. Zijn tweede naam zou Pieter kunnen zijn, dat is moeilijk te lezen op de papieren die teruggevonden zijn. Hij was 1.80m groot, was blond en had blauwe ogen. En in die ogen was zijn droom te lezen: een leven in Amerika.

Een onderzoeker uit de familie Stessens, vond tussen de papieren het bewijs dat José vergezeld was door zijn broer, Juan Francisco, 5 jaar jonger. Zij werden ingelijfd door Beck en Herzog, stichters van de colonie San Carlos. De broers werden onderverdeeld in een Duitstalig canton van Zwitserland, aangezien hun reis daar begonnen was, volgens de reispapieren. De Stessens werkten in Esperanza van de firma Beck. Later vroegen zij aan de regering een stuk landbouwgrond aan. Het officiele document gaat alsvolgt: "Ik heb de eer u mede te delen dat de heren José en Joham Stessens en zijn vrouw om een stuk land vragen, nl sectie 84 in het Westen van de colonie om dit te bewerken en dit voor 5 jaar, met de bedoeling om het bij de vervaldatum aan hem als rechtmatige eigendom toe te vertrouwen.Tot nu werken de heren voor de firma Beck. De heer Beck laat hen gaan met de referentie van harde, eerlijke en bekwame werkers. Zij kunnen beschouwd worden als een belangrijke aanwinst voor wie hen ontvangt."

De concessie werd aan de broers en de echtgenote van Joham (Juan) gegeven. Over haar zijn er geen gegevens bekend aangezien het koppel reeds vlug de colonie verliet. De afstammelingen van José hebben uit hun familiegeschiedenis onthouden dat Juan en zijn echtgenote naar Brazilie zijn getrokken. In dat land hebben zij een succesvol leven geleden, er is zelfs een standbeeld voor Juan opgetrokken in de stad waar hij leefde om de herinnering aan hem in ere te houden. Dit volgens de legende, opgeschreven en onderzocht door Hülsberg in zijn boek over de geschiedenis van de migranten van Esperanza.   José bleef trouw aan zijn adoptieve streek. Hij trouwde met zijn buurvrouw Isabel Kaiser, van de concessie 57, een Duitse van 17 jaar en waarvan hij 8 kinderen kreeg. In 1859 werd Ermina geboren, in 1861 Francisco, 1863 Medardo, 1864 José, 1867 Enrique, 1870 Bernardo, 1872 Maria en in 1874 Antonio.
José en de familie verhuisde in 1864-1867 naar de colonie San Jerónimo, waarschijnlijk om een groter stuk land te kunnen krijgen voor de grote familie. Hier gebeurde iets dramatisch, een feit dat nooit heel duidelijk is geworden en hij stierf in 1874. In die tijd blonk de wet in deze streek uit door zijn afwezigheid. De kar met het lijk van de Belg werd door zijn paarden naar huis getrokken waar zijn hoog zwangere vrouw hem achterop vond, overleden aan verwondingen van slagen. Acht dagen na zijn dood werd de laatste zoon geboren.

-
Fundacion Cultural Volpe Stessens
Jorge Omar Volpe Stessens
Presidente

18:45 Gepost door VIA in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook | |

De commentaren zijn gesloten.